Afkoelingsperiode

Afkoelingsperiode

Artikel 375 lid 2 in het wetsvoorstel geeft de mogelijkheid om aan de rechter een afkoelingsperiode te verzoeken. Voorwaarde is (uiteraard) dat aan de schuldeisers een akkoord is aangeboden.

Tijdens deze afkoelingsperiode kunnen schuldeisers niet overgaan tot het opeisen van zaken of rechten om daar verhaal op te nemen voor de voldoening van hun vordering. Ook kunnen derden hun zaken niet opeisen bij de schuldenaar. De rechtbank kan (in uitzonderlijke situaties) overigens uitzonderingen toelaten op de afkoelingsperiode. Vanzelfsprekend worden de rechten van de schuldeiser of eigenaar verder niet aangetast: het betreft alleen een tijdelijke maatregel.

De afkoelingsperiode biedt de schuldenaar de gelegenheid om een akkoord tot stand te brengen, zonder dat dit wordt gefrustreerd door partijen die niet willen meewerken aan dit akkoord en (voor het akkoord uit) hun rechten willen veiligstellen.

De afkoelingsperiode duurt maximaal twee maanden, maar kan met nog eens twee maanden worden verlengd.

De afkoelingsperiode is een parallel van de afkoelingsperiode in faillissement zoals die is neergelegd in artikel 63a van de Faillissementswet.

Over de auteur

admin administrator

Geef een reactie